15 Feb 2011Een thuiswedstrijd voor de PVV in de Senaat

Het NOS-verkiezingsdebat van gisteravond in de Eerste Kamer was inhoudelijk niet boeiend. Maar juist daarom was het een geschikte aanleiding om te kijken naar een paar technische aspecten van een politiek debat: het publiek, de stellingen waarover gedebatteerd werd en de manier waarop de deelnemers zich presenteerden.

Om te beginnen wil ik twee dingen noemen die goed gingen:

Publiek

In de Eerste Kamer was er weinig ruimte voor publiek. Zelfs bij de hoogtepunten klonk het applaus aarzelend. Misschien had het debat net zo goed zonder publiek kunnen worden gehouden. Bij verkiezingsdebatten is het tegenwoordig de gewoonte dat iedere partij evenveel aanhangers mag uitnodigen. Dat is begrijpelijk, want niemand wil het risico lopen dat de tegenpartij meer aanhang heeft in de zaal, maar de functie van een debat is het overtuigen van een neutraal publiek. Als je niet kunt horen hoe een neutraal publiek reageert, ontbreekt zowel voor de kijkers als voor de deelnemers het belangrijkste gevoel.

Stellingen

Dit debat illustreerde wat ik in hoofdstuk 3 van Overtuigen stel: de agenda is belangrijker dan de argumenten. Er werden vier stellingen besproken. De NOS koos voor twee PVV-thema's (hoofddoekjes en immigratie), één VVD-thema (economie) en één D66-thema (onderwijs). Blijkbaar koos de linkse staatsomroep voor rechtse thema's uit angst voor de kritiek die klinkt sinds de moord op Pim Fortuyn. Op dit punt waren de rechtse partijen dus in het voordeel, maar de lijsttrekkers van de VVD en het CDA hadden dan weer het nadeel dat ze de compromissen van het kabinet moesten verdedigen, terwijl de oppositiepartijen konden schermen met de idealen uit hun verkiezingsprogramma's.

Dit was niet het eerste tv-debat waarin natuur en milieu genegeerd werden, maar in dit geval werd bovendien de kans gemist om onderwerpen aan te snijden waar de provincie iets over te zeggen heeft, zoals het toelaten van megastallen en het aanwijzen van de laatste natuurgebieden voor de Ecologische Hoofdstructuur. Die megastallen zijn ook voor Ferry Mingelen interessant, want de partijen nemen in verschillende provincies verschillende standpunten in. In Utrecht stemden alle partijen ertegen, in Noord-Holland wilden PvdA, CDA en VVD er niet over stemmen voor de verkiezingen en in Noord-Brabant is de PVV er fel tegen, terwijl de PVV er in de Tweede Kamer geen bezwaar tegen heeft.

Presentatie

Machiel de Graaf van de PVV speelde dus een thuiswedstrijd in de Kamer die vreemd terrein is voor zijn partij. De omgeving was onbekend, maar hij kon vertrouwde argumenten gebruiken. Hij hoefde zich niet af te vragen wat het PVV-standpunt over provinciale fietspaden was en hij hoefde ook geen compromissen uit het gedoogakkoord te verdedigen. De Graaf kopte de voorzetten die hij kreeg vakkundig in. Elco Brinkman (CDA, Bouwend Nederland) en Loek Hermans (VVD, UEAPME) hadden het moeilijker, omdat ze het kabinetsbeleid moesten verdedigen. Commentator Syp Wynia zei in Nieuwsuur terecht dat de veteranen verloren van de nieuwkomers en onbekenden. Brinkman hield het tempo niet bij en raakte af en toe de weg kwijt: hij protesteerde terecht dat de discussie over hoofddoekjes symboolpolitiek was, maar toen begon hij zelf te mompelen over het opvangen van vluchtelingen, wat helemaal niet relevant was. Hermans reageerde soms met slimme tegenargumenten op de kritiek van zijn drie linkse opponenten, maar zoals ik in mijn boek uitleg, win je met tegenargumenten nooit een debat. Bovendien komt de VVD'er nu eenmaal over als een typische rechtse bal, met zijn bekakte stem en zijn weldoorvoede postuur. Het hielp niet dat hij de uitdrukking 'een snag' gebruikte (een addertje onder het gras); de helft van de kijkers zal zich hebben afgevraagd waarom hij over een snack begon.

De derde ex-minister, Roger van Boxtel (D66, Menzis), vertegenwoordigde weliswaar een redelijk alternatief, maar persoonlijk maakte hij een fletse, uitgebluste indruk met zijn verkreukelde kop en zijn monotone stem. In het begin maakte Roel Kuiper van de ChristenUnie een nerveuze indruk - ik dacht: o jee, een filosoof - en Tiny Kox van de SP praatte te snel, maar beiden herstelden zich zodra het echte debat begon. Kox bracht Hermans in het nauw met felle kritiek over het begrotingstekort en het onderwijs. Kuiper bleek een grote vriendelijke reus die erin slaagde om hartstochtelijk te pleiten voor een gematigde opstelling: hij verweet minister Schipper dat ze de Eerste Kamer op de ziel had getrapt door te suggereren dat de oppositie alle wetsvoorstellen ongezien zou wegstemmen. Kuiper liet zich echter door De Graaf verleiden tot twee opvallende uitspraken waar niet iedereen in de ChristenUnie blij mee zal zijn: hij stelde het christendom 'hoger' dan de islam en hij vond dat ambtenaren in zichtbare functies, zoals baliemedewerkers, geen hoofddoekjes zouden moeten dragen.

Het was tekenend voor het debat dat die uitspraken van een kleine oppositiepartij over theologie en religieuze symbolen de meeste politieke betekenis hadden. Verder herhaalden de lijsttrekkers de stokpaardjes van hun partijen. Misschien zou het debat wel bruikbaar zijn om in een inburgeringscursus de ideologieën van de acht grootste partijen te laten zien.

Marleen Barth (PvdA, Wassenaar) begon sterk. Ze maakte een deskundige en bevlogen indruk doordat ze veel concrete voorbeelden uit het hoofd had geleerd, maar in de loop van het debat begon ze steeds meer op Agnes Kant te lijken. Ze luisterde rustig glimlachend, maar zodra ze aan het woord kwam werd haar gezichtsuitdrukking verbeten, terwijl haar hoofd wild heen en weer schudde. Misschien verbeeldde ik het me, maar ik zag haar rood aanlopen onder haar make-up. Barth maakte een geïsoleerde indruk: ze lepelde vooral haar 'het moet eerlijker'-verhaal op zonder veel in discussie te gaan met de anderen - al was dat deels te wijten aan de stellingen waarmee ze niet uit de voeten kon. Het was een beetje dom dat ze hamerde op een kleine aanpassing van de 'villabelasting', want de burgemeestersvrouw woont zelf in een zwaar gesubsidieerde villa. In het debat zelf werd dat niet afgestraft, maar soms krijg je pas achteraf last van zo'n misser.

Misschien zullen SP- en GroenLinks-stemmers meer waardering hebben voor de emotionele betrokkenheid van Barth dan voor de joviale relativering van Tof Thissen (GroenLinks) of het kille sarcasme van Tiny Kox. Thissen droeg geen stropdas, maar wel een hoge witte boord. De Limburger was eigenlijk te modieus gekleed voor een volksvertegenwoordiger, een fout die Barth deze keer had vermeden. Thissen riep optimistisch: "Het gaat hartstikke goed met de integratie in dit land", een uitspraak die de PVV in een campagnespotje kan aanhalen onder beelden van licht getinte overvallers uit Opsporing Verzocht.  

Als ik een winnaar moet aanwijzen, dan kies ik Machiel de Graaf. Hij werd voor stempelmachine en schoothondje uitgemaakt omdat hij zei dat de PVV aan het gedoogakkoord gebonden was, maar de gemiddelde kijker zal hem niet kwalijk hebben genomen dat hij de politieke schijnwerkelijkheid van de onafhankelijke senator ontkende. Ik ben benieuwd of hij ook zo'n sterke indruk zal maken als hij een uitwedstrijd moet spelen.




Overtuigen


Terug naar de voorpagina


N.B. Het is niet verplicht om een e-mailadres in te vullen. Als u het invult, wordt het gepubliceerd.

Om een reactie achter te kunnen laten, moet je Javascript inschakelen (en de pagina verversen).

  
Persoonlijke info onthouden?

Emoticons /


Sorry, je hoeft geen e-mail of URL in te vullen, maar je moet wel even deze zin afmaken (zonder punt) om te bewijzen dat je een mens bent en geen spamrobot:

 

  ( Register your username / Log in )

Kattebel:
Verberg email:

Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of email-adres in te typen.